Bedrijfsfysiotherapie verschilt van de algemene fysiotherapie, omdat het zich richt op preventieve zorg voor een specifieke doelgroep en speelt zich m.n. af op de werkplek. Dit vereist een specifieke deskundigheid, vaardigheid en attitude, anders dan bij de algemene fysiotherapie, maar wel met behoud van alle fysiotherapeutische kenmerken.

Wat doet de bedrijfsfysiotherapeut

De bedrijfsfysiotherapeut is een deskundige die de organisatie en inhoud van de arbeid, werkplekken en/of psychomotorisch gedrag van werknemers systematisch onderzoekt met specifieke aandacht voor het bewegingssysteem van de werknemers. Een bedrijfsfysiotherapeut signaleert en beoordeelt op de werkplek lichaamsbewegingen en lichaamsgebruik, die mogelijk lichamelijke klachten kunnen veroorzaken. Hij maakt daarbij onderscheid tussen werkplekgebonden en persoonsgebonden (lichamelijke )belasting. Na onderzoek komt hij met een aanbeveling om de lichamelijke belasting aan te passen. Te denken valt aan aanbevelingen op het gebied van houdings- en bewegingsinstructie, voorlichting, tilinstructies, werkplekinrichting, re-integratie en hulp bij werkhervatting na bijvoorbeeld ziekte of blessures. Verder begeleidt hij bedrijven en werknemers bij uitvoering van de aanbevelingen. Hij is vooral gespecialiseerd in de fysieke belasting.

In verband met de complexiteit van een dergelijk onderzoek is het essentieel dat er intensief wordt samengewerkt met alle geledingen binnen het bedrijf of instelling en andere disciplines binnen het gehele veld van arbeid en gezondheid.

De bedrijfsfysiotherapeut richt zich op het volgende werkgebied:

  • Uitvoeren van een RI&E
  • Opstellen van een Arbo jaarplan met een knelpunten inventarisatie
  • Advisering t.a.v. ergonomische werkplekopstelling
  • Advisering t.a.v. verandering van werkplekken
  • Fysieke belasting per persoon of per afdeling in kaart brengen en analyseren
  • Advisering van nieuwe (aan)bouw t.a.v. ergonomie
  • Advisering t.a.v. reïntegratie begeleidingsprojecten
  • Advisering t.a.v. preventie
  • Het geven van voorlichting en training

De werkwijze:

Er zijn 6 fasen te onderscheiden:

a. Kennismakingsfase
Allereerst zal in de kennismakingsfase het bedrijf de opdracht nader toelichten. De bedrijfsfysiotherapeut geeft in algemene zin aan wat verwacht mag worden en welke werkwijze wordt gehanteerd. De kennismakingsfase leidt tot een voorlopige probleemstelling, die in de volgende fase nader bekend wordt om definitief vast te tellen of een bedrijfsfysiotherapeutische interventie op zijn plaats is. Beslissend daarvoor is de mate waarin het vermoeden bestaat dat het gaat om problematiek van het bewegend functioneren van de werknemer in relatie tot zichzelf en zijn omgeving.

b. Oriëntatiefase
In de oriëntatiefase formuleert de bedrijfsfysiotherapeut een definitieve probleemstelling. Hiervoor wordt met meet diepgang dan in de kennismakingsfase, informatie verzameld over de opdrachtgever, het gezondheidsprobleem (inclusief de risicofactoren) binnen het bedrijf en de te onderzoeken functies van werknemers. Wanneer besloten is het bedrijfsfysiotherapeutisch handelen voort te zetten, stelt de bedrijfsfysiotherapeut een plan op voor de algemene onderzoeksfase. Dit plan omvat naast de definitieve probleemstelling, een keuze uit onderzoeksmethoden, een tijdsplanning en (eventueel) een begroting. Over de informatie uit de kennismakingsfase en de oriëntatiefase rapporteert de bedrijfsfysiotherapeut aan de opdrachtgever.

c. Algemene onderzoeksfase
Na de kennismakings- en oriëntatiefase wordt een algemeen onderzoek uitgevoerd. Het doel van deze fase is te achterhalen of, en zo ja in welke mate fysieke, mentale, sociale en organisatorische aspecten een rol spelen bij het gezondheidsprobleem. In deze fase inventariseert de bedrijfsfysiotherapeut risicofactoren die een relatie kunnen hebben met de probleemstelling. De bedrijfsfysiotherapeut maakt daarbij zoveel mogelijk gebruik van gestandaardiseerde onderzoeksmethoden. Indien uit de functie-analyse naar voren komt dat het gezondheidsprobleem voornamelijk niet fysiek bepaald is, maakt de bedrijfsfysiotherapeut daarvan melding, zodat andere deskundigen ingeschakeld kunnen worden. Behalve de gezondheidsaspecten moeten ook de gedragsaspecten van arbeid worden geanalyseerd.

d. Specifieke onderzoeksfase
In de specifieke onderzoeksfase stelt de bedrijfsfysiotherapeut de fysieke belasting in de arbeidssituatie vast. Het specifieke onderzoek bestaat uit het op de betreffende werkplek(ken) toepassen van één of meer gestandaardiseerde onderzoeksmethoden. Daarnaast kan een bedrijfsfysiotherapeut de belastbaarheid van werknemers inschatten.
Aan de hand van de onderzoeksgegevens inventariseert de bedrijfsfysiotherapeut de risicofactoren ten aanzien van het gezondheidsprobleem. Aangrijpingspunten voor een eventuele interventie worden gevormd door aanwezige risicofactoren in de arbeid en bij de werknemers. Over de informatie uit de algemene en specifieke onderzoeksfase rapporteert de bedrijfsfysiotherapeut aan de opdrachtgever. Wanneer er daadwerkelijk wordt overgegaan tot een interventie, maakt de bedrijfsfysiotherapeut een opzet voor een effectmeting.

e. Interventiefase
De interventiefase begint met het opstellen van een gedetailleerd, samenhangend plan van aanpak door de bedrijfsfysiotherapeut, veelal in samenwerking met het bedrijf en andere deskundigen (hulpverleners).
De bedrijfsfysiotherapeutische interventie kan daarbij bestaan uit:

  • een advies over aanpassingen van de organisatie en inhoud van de arbeid
  • vanuit het eigen vakgebied een bijdrage leveren aan het (her)ontwerp van een ergonomisch verantwoorde werkplek
  • het toepassen van gezonheidsvoorlichting
  • opvoeding en training

Afhankelijk van de hierover gemaakte afspraken met de opdrachtgever kan de bedrijfsfysiotherapeut over de uitgevoerde interventie rapporteren.

f. Evaluatiefase
De evaluatiefase heeft tenslotte tot doel na te gaan welk verschil is opgetreden in de effectvariabelen voor en na de uitvoering van de interventie en aannemelijk te maken waardoor dat verschil wordt veroorzaakt. Aan het einde van de evaluatiefase vindt een eindrapportage plaats aan de opdrachtgever. In een aantal gevallen houdt hiermee het bedrijfsfysiotherapeutisch handelen op. In veel gevallen is het echter van belang dat de bedrijfsfysiotherapeut een hernieuwd onderzoek uitvoert.
Een reden hiervoor is dat bepaalde effecten van een interventie pas op langere termijn zichtbaar zijn. Een tweede reden is dat men wil nagaan of een reeds bereikt effect na een bepaalde tijd nog aanwezig is. Bovendien vindt bij veel opdrachtgevers begeleiding op lange termijn plaats.

Neem contact op.

Voornaam
Achternaam
Email
Telefoon
Bericht